Jo: “Rotkind! Jij kan niets, zeiden ze. Ik was een kleuter en ik geloofde hen. Gelukkig hadden we dieren in huis. Zij waren de enige vrienden die ik had. Ik droomde ervan om goochelaar te worden, of clown, want een clown kan alles. Ik zocht mijn toevlucht in een fantasiewereld waarin ik dingen liet verdwijnen. Spelen met de realiteit werd mijn houvast. Toen ik acht jaar was, liet ik mijn kat voor het eerst door een brandende hoepel springen. De buren op straat keken ernaar, applaudisseerden en gaven me vijf cent. Ik kreeg de smaak te pakken en begon te timmeren aan mijn weg. Ondertussen ben ik een professionele goochelaar met duizenden shows op mijn palmares. Nog steeds hoor ik die stem die zegt dat ik niets kan. Maar ik heb één grote kracht, en dat is mijn gebrek aan angst. Ik durf alles. Ik heb gewerkt met honderd en één dieren. Kip Curry is er eentje van. Ze kan vuur spuwen, door hoepels springen, gedachten lezen, wiskundesommen oplossen, noem maar op. ‘Ik weet niet hoe ze dat doet’, zeg ik altijd. Dat is natuurlijk flauwekul. Ik gebruik technieken van een mentalist, alles is een truc. Kippen zijn het leukst om mee te werken. Ze zijn intelligent, nieuwsgierig, sociaal en ze leren ontzettend snel. Als je timing goed zit bij een kip, is het trainen van andere dieren een fluitje van een cent. Je wrijft door je ogen als je ziet wat ik met een vlieg of een goudvis kan doen! Ondanks mijn rotjeugd staat er één gelukkig moment op mijn netvlies gebrand. Dat was toen ik een circusvoorstelling mocht bijwonen. Ik ging er helemaal in op. Nu werk ik me uit de naad om mijn publiek hetzelfde te laten ervaren. Zorgen vergeten, gelukkig zijn. Dat ze door elkaar worden geschud, naar buiten gaan en denken: ‘Niets is onmogelijk, ik gooi het roer om.’”

Previous
Previous

Hedwig + Smith

Next
Next

Amado + Tijger