Katrien: “Enkele jaren geleden kon ons geluk niet op. We waren getrouwd, het huis was gerenoveerd, we hadden een boeiende job en zouden eindelijk een gezin stichten. Toen werd ik ziek. Fibromyalgie. Ik takelde af tot ik niet meer kon lopen. Dat was een dieptepunt. Karl had kunnen vluchten maar hij koos voor mij en bleef. Dag en nacht zorgt hij voor mij met heel zijn hart. Hij zucht of klaagt nooit. Ik kan me geen leven zonder hem voorstellen. Zoveel maakten we mee. We zijn jong, maar onze zielen zijn oud.”

Karl: “Als ik naar Katrien kijk, voel ik alleen maar liefde. De rest is bijkomstig. Ik sta zo dicht bij haar dat ik weet wat zij voelt. De pijn in haar benen tijdens de fotoshoot. De steken in haar rug tijdens dit gesprek vanop de stoel. De medicatie en revalidatie helpen, maar Katrien zal nooit meer beter worden. Onze kinderwens gaven we op. We adopteerden Tobias. Wanneer ik vroeg de deur uit ben, is hij voor Katrien een reden om op te staan. Voor ik naar mijn werk vertrek, fluister ik hem in: lief baasje, zorg goed voor haar.”

Previous
Previous

Anuschka + Dirk

Next
Next

Hans + Kim