“Ik heb hard gestudeerd om iets terug te geven.”
“Meester Tony van het zesde leerjaar zei: ‘Halit Topal, als jij later niet naar de universiteit gaat, dan sjot ik je naar de universiteit.’ In de middelbare school waren het vooral de wetenschapsvakken die me mateloos fascineerden. Ik droomde ervan om chirurg te worden. Dat mijn leerkrachten steevast in mij geloofden, gaf me een enorme boost. Ook keek ik op naar mijn oom die toen al in zijn vakgebied tot de beste chirurgen van de wereld behoorde.
Toch zijn het vooral mijn ouders die voor mij de weg geëffend hebben. Ik groeide met mijn drie broers en drie zussen op in een sociale woonwijk. Mijn vader was mijnwerker en mijn moeder seizoenarbeider. Ze werkten zich uit de naad om hun zeven kinderen uit de financiële en intellectuele armoede te krijgen. Ik kwam nooit iets te kort en besef nu, vele jaren later, hoeveel ze zichzelf ontzegd hebben.
Ik heb hard gestudeerd om iets terug te geven. Nu werk ik als buikchirurg in een universitair ziekenhuis. Mijn dagelijkse realiteit is hard. Elke zieke heeft een verhaal. Het zijn allemaal mensen die plots dichter bij de dood komen. Dat ik levens kan redden door bijvoorbeeld een tumor weg te nemen, is fantastisch.
De warmte van de Turkse gemeenschap waarbinnen ik ben groot geworden, draag ik over op mijn patiënten. Ik voel geen schroom om ze troostend vast te pakken of op de rand van hun bed te gaan zitten en hun hand vast te houden. Mijn telefoon staat zelden stil. Ik krijg veel berichtjes en oproepen van andermans patiënten over problemen waar ik minder van afweet, zoals fracturen of hernia’s. Toch help ik waar ik kan. Soms is een bemoedigend woordje voldoende.
Mijn vrouw is mijn rots. Ze vuurt me aan en geeft me de ruimte om nog meer dromen waar te maken, zoals doctoreren of in arme landen werken. Ik hoop dat ik een rolmodel kan zijn voor anderen, zoals er voor mij zovelen waren. Want niets is onmogelijk.”